|
Nog steeds is de auto het meest geliefde vervoermiddel van de wintersporters. Niets is echter vervelender dan met mankementen vast komen te staan in de kou. Veel ellende is op eenvoudige wijze te voorkomen. Hieronder de tips voor een goede voorbereiding en het rijden op gladde en besneeuwde wegen.
Het eenvoudigste is om voor het vertrek een controlebeurt bij te laten uitvoeren bij de dealer. Deze zal speciaal letten op:
De accu. Bij lage temperatuur daalt de capaciteit van de accu waardoor starten van de motor moeilijker of onmogelijk wordt. Laat dus de accu controleren en zonodig vervangen.
De v-snaar De ventilatorriem of v-snaar zorgt ervoor dat de dynamo de accu oplaadt en de waterpomp de koelvloeistof rondpompt. In de v-snaar mogen geen scheuren of barsten zitten. Zorg dat de riem de juiste spanning heeft.
Het koelsysteem.
Controle op lekkage en vorstbeveiliging van de koelvloeistof(tot -30°). Laat de koelvloeistof om de 2 jaar vervangen.
Het luchtfilter.
Als er geen automatische zomer- en winterstand is dan moet dit met de hand worden ingesteld. Een vuil element veroorzaakt extra brandstofverbruik en een slechtlopende motor.
De banden. Om veilig te kunnen rijden op besneeuwde wegen adviseert de ANWB een profieldiepte van minimaal 4 mm.
Reserveband
Als de reserveband van de auto een zgn. noodwiel is, zorg dan voor een echte reserveband. Sneeuwkettingen passen niet rond een noodwiel.
De ontsteking.
Door het goed afstellen van de ontsteking start de motor gemakkelijker. Zonodig worden de kabels en verdelerkap bespoten met een vochtwerende spray om startproblemen te voorkomen.
Ruitenwissers
De vloeistof van de ruitenwisser. De vloeistof van de ruitensproeiers moet voldoende antivries bevatten. (beveiliging tot -30°C)
Strepen trekkende ruitenwisserbladen moeten worden vervangen.
Zet, bij niet gebruik, de ruitenwissers omhoog. Zo vriezen ze niet vast aan de ruit.
De deurrubbers.
Om bij vorst de deuren gemakkelijk te kunnen openen moeten de deurrubbers worden ingesmeerd met talkpoeder of bespoten met een siliconenspray.
De deursloten. Inspuiten met een smerende antivries. Zo blijven de sloten goed werken. Zit het slot ondanks alles vast doe dan warm water (niet te heet) in een plastic zak en druk deze tegen het slot.
Dieselauto's
In de winter hebben auto's met een dieselmotor soms problemen met het bevriezen van water in het brandstoffilter en met het 'vlokken' van de brandstof. Dit laatste kan worden voorkomen door het tanken van winterdiesel. Extra beveiliging kan worden verkregen door toevoeging van 10% benzine of petroleum. Raadpleeg hiervoor het onderhoudsboekje of vraag het uw dealer. Een verwarmd brandstoffilter voorkomt bevriezen van het water. Is deze verwarming niet standaard aanwezig dan kan men dit alsnog laten monteren.
Tip: Is ondanks alles toch de brandstof gaan 'vlokken' verwarm dan de leidingen en het filter met een föhn.
Rijden in de winter
Maak eerst de auto sneeuw en ijsvrij en start dan pas de auto. Zet de blower op de voorruit. Rij rustig weg. Is de weg met sneeuw bedekt, houdt dan rekening met een langere remweg. Gaat de auto slippen tijdens het remmen, laat dan even het rempedaal los en ga daarna opnieuw remmen. Komt de auto tijdens het rijden in een slip, trap dan de koppeling in en stuur tot alles weer goed gaat. Laat daarna het koppelingspedaal langzaam opkomen.Tip: een Slip-en Grip Training van de ANWB is van veel nut om veilig te rijden.
Sneeuwval onderweg
Een van de vervelendste dingen is als het onderweg gaat sneeuwen. Vooral 's avonds schijnen de koplampen op de sneeuwvlokken en kunnen we na een tijdje niets meer zien. Ook geven de koplampen steeds minder licht door de er op vallende sneeuw. Het beste advies is: zoek zo snel mogelijk een hotel en ga de volgende dag verder.
|